Aukje Holtrop

Tsjernobyl.

Zoals de dagen van de week elk hun eigen kleur hebben, blauw voor de maandag, geel voor vrijdag, wit voor zondag, zo hebben sommige plaatsnamen een kleur. Parijs is roze, New York donkergroen en Tsjernobyl is grijs. Grauwgrijs. En zoals de kleuren voor dagen en steden hoogst subjectief zijn en iemand anders de maandag met evenveel recht bruin kan vinden en New York appelgroen, zo unaniem is Tsjernobyl het internationale voorbeeld van een grauwe, fletse plaats geworden. Levenloos, kaal.
Voór 1986 onbekend, en vanaf april van dat jaar een begrip geworden in de wereld. Meer dan zomaar een begrip, Tsjernobyl is een symbool geworden, een argument voor tegenstanders van kernenergie, een bewijs van de krakkemikkigheid van het oude sovjet-systeem. Tsjernobyl werd gebruikt en misbruikt, de tegenstanders weten nu helemaal zeker dat kerncentrales niet deugen en de voorstanders van kernenergie beweren met de hand op hun hart dat zulke explosies als in Tsjernobyl vermeden kunnen worden, en door hen ook zeker vermeden zullen worden. Als elk symbool werd Tsjernobyl na een paar jaar krachteloos. Zoiets als het kruis van Christus, de enorme slachtingen in de Eerste Wereldoorlog en de verschillende watersnoden waaronder Nederland al eeuwenlang te lijden heeft. Allemaal heel erg, de stem wordt gedempt en ernstig, er wordt niet bij gelachen, maar de meeste mensen doet het na al die jaren niets meer. Te ver weg, te lang geleden. Te erg om je een voorstelling bij te maken, en als je maar vaak genoeg een foto of een andersoortige afbeelding van zo’n ramp ziet, verliest ook het beeld zijn kracht.
Dat is onvermijdelijk, en het is iets om je voor te schamen, al zou ik liegen als ik zei dat ik regelmatig met deernis in m’n hart aan die arme mensen, dieren en vooral kinderen denk die buiten hun schuld de prijs moesten en nog steeds moeten betalen voor de ondeugdelijke manieren waarop de vooruitgang in de wereld wordt nagestreefd.
Een oproep als deze, van de stichting Cultural Express, herinnert je er even aan dat Tsjernobyl nog steeds bestaat. Het is niet alleen een symbool, het is ook een groep mensen die te lijden heeft. Het is ook een kaal landschap waar niemand voor z’n plezier met vakantie naar toe zou willen. Het is een stad die kennelijk ‘bitterkruid’ betekent, en dus bij de stichting al een morbide betekenis meekreeg. Het heeft de pech in een arm en verwaarloosd en niet erg prettig geregeerd land te liggen.
En wij kunnen er heel weinig aan doen. Een beetje geld geven, er even over nadenken, blij zijn dat erin ons land nog niets met kernenergie ontploft is en je vervolgens generen dat je er zulke egoistische gedachten op nahoudt. Verder valt er weinig te doen. Dat is het grote nadeel van grauwgrijs: het is zo’n onopvallende, zo’n dooiige kleur.
Je kunt er zo makkelijk overheen kijken

2001